
Malawi
Tijdens het jubileumjaar van Vastenaktie staat één projectland centraal, Malawi. Dit project dat gericht is op het aanpassen van de lokale bevolking in Malawi aan de klimaatveranderingen past zeer goed bij ons thema, Behoud van de Schepping.
Om Vastenaktie duidelijk zichtbaar te maken in het jubileumjaar tonen we dit jaar maar één projectland. Zo zal er in alle middelen die vanuit het campagnecentrum verzonden worden, informatie komen over Malawi, ook in de pers en in de fondswervende middelen ligt de focus hierop. We kunnen op deze manier veel meer informatie geven over het land, de organisatie en het project.
50ste Vastenaktie
De vijftigste Vastenaktie gaat over boerengezinnen en gemeenschappen in Malawi en de manier waarop zij met landbouw niet alleen voorzien in hun eigen behoefte aan voedsel, maar vooral ook een bron van inkomsten ontwikkelen.
Op de achtergrond speelt de problematiek van het veranderende klimaat als een factor die deze mensen bedreigt in hun bestaan en in hun streven naar een betere toekomst. Als we ze niet helpen om zich aan te passen aan de nieuwe omstandigheden, dan is een duurzame verbetering van hun leven niet mogelijk.
De Vastenaktie 2010 benadert de problematiek van klimaatverandering nadrukkelijk niet als een thema over natuur en milieu, maar als een kwestie die gaat over mensen: klimaatverandering raakt ons allemaal, maar niet allemaal gelijk.
CADECOM
CADECOM (Catholic Development Commission) is de katholieke commissie voor noodhulp en ontwikkeling. Dit is de ontwikkelingstak van de katholieke kerk in het Afrikaanse land. Vastenaktie richt zich speciaal op de situatie in het noordelijke bisdom Mzuzu met een inwonertal van 2,7 miljoen. De grotendeels christelijke bevolking van het diocees telt een kleine half miljoen katholieken (17,8 procent).
Het bisdom kampt als gevolg van de klimaatverandering met grote weersverschillen: er heerst extreme droogte, maar aan de andere kant is er soms hevige neerslag die leidt tot overstromingen. Dit heeft allerlei negatieve gevolgen voor de levensomstandigheden van de bevolking. Cadecom ondersteunt gemeenschappen bij het opzetten van structurele, kleinschalige initiatieven om hun bestaan te verbeteren, door bijvoorbeeld het krijgen van toegang tot de markt voor hun producten.
Ze hebben Disaster Risk Reduction projecten waarmee ze de lokale bevolking voorbereiden op eventuele rampen.
Welk verschil maakt Cadecom?
Voorheen werkte ieder gezin voor zichzelf, ze gingen ook naar verschillende opkopers van hun surplusproductie. Ze lieten zoiets niet in vertrouwen aan anderen over. De trainingen van Cadecom in de gemeenschappen leiden eerst en vooral tot onderling vertrouwen. Mensen laten het nu wel aan elkaar over. Er is vertrouwen gegroeid dat je via je groep goederen kunt herverdelen, dat je de ene keer aan de gevende en een volgende keer aan de ontvangende kant staat.
Disaster Risk Reduction
Disaster Risk Reduction (DRR) is de naam voor alle activiteiten die er op gericht zijn om de gevolgen van rampen te beperken. Het beperken van huizen in gebieden die vaak overstromen bijvoorbeeld, is een activiteit die onder DRR valt; of het bouwen van scholen die trillingen van aardbevingen goed doorstaan.
Initiatieven gericht op DRR zijn gericht op het verminderen van rampen zoals dijken tegen overstromingen en irrigatiekanalen tegen droogte. Maar daarnaast ook op het trainen van de lokale gemeenschappen wat ze voorafgaande en tijdens een ramp kunnen doen (bijvoorbeeld een voedsel- en watervoorraad aanleggen voor meerdere dagen). Door mensen te trainen kunnen ze direct zich aanpassen aan de gevolgen van de ramp en zo de schade beperken. DRR initiatieven zijn gericht op humanitaire hulp, ontwikkelingshulp, risicomanagement, klimaatsveranderingen en voorbereiding op noodsituaties.
In de projectgebieden van Cadecom Mzuzu wordt de verregaande ontbossing als een oorzaak wordt genoemd voor de droogte en overstromingen waar gemeenschappen steeds meer mee te kampen hebben.
Het project
De aanpak van Cadecom begint met organisatie en scholing. Voordat de concrete, productieve activiteiten van start gaan, krijgen de groepsleden trainingen over nieuwe akkerbouw- en veeteelttechnieken. Daar horen ook uitwisselingsbezoeken bij aan projecten in andere parochies die al ervaring hebben opgedaan. Eén van de aandachtspunten in de scholing is de verhouding tussen vrouwen en mannen. Die is heel traditioneel. Vrouwen doen het zware werk op het veld, mannen verkopen de producten en gaan dan dikwijls met het geld strijken.
Een ander thema is HIV/aids en de zorg voor patiënten en aidswezen, bijvoorbeeld door een geit of zaaigoed te schenken aan de pleegouders.
Landbouw en voedsel
Droogte is een groot probleem. Geen wonder, want landschappelijk, qua ligging en klimatologisch hoort het tot dezelfde grensstreek. Het regent minder dan vroeger, het regenseizoen begint goed maar houdt veel te vroeg op. Door irrigatie en de bouw van dammen wil men het waterniveau op pijl krijgen. Met het water uit meren willen ze de collectieve akkers met gieters of misschien zelfs een trappomp gaan irrigeren die ze al hebben aangelegd. Landeigendom is geen zorg, er is genoeg beschikbaar. Ook planten ze duizend bomen langs de oevers om verdergaande erosie tegen te gaan.
Met de irrigatie wordt het niet alleen mogelijk om in het droge seizoen groenten te verbouwen, zoals tomaten en bonen – een gewas dat ze voorheen niet plantten – , maar zelfs tot drie keer per jaar een maisoogst binnen te halen: eentje na de regentijd (december tot april) en twee dankzij de bevloeiing (juni tot augustus en september tot november).
Vorig jaar leverde Cadecom de groepen veredelde mais en pinda’s om te poten. Ieder lid ontving zes kilo mais en acht kilo pinda’s. Na de oogst moesten ze in ruil daarvoor het dubbele afdragen van wat ze hadden gekregen, dus twaalf kilo mais en zestien kilo pinda’s. De helft van de afdracht van een deel van hun oogst ging naar de parochie voor verdeling onder andere (nieuwe) groepen, de andere helft is bedoeld voor nieuwe groepen in hun eigen projectgebied Malembo.
Mest en kleinvee
Cadecom verstrekt daarnaast kunstmest, bedoeld voor de irrigatie-landbouw in het droge seizoen. Voor de gewone akkerbouw stimuleert ze het maken van compost en het gebruik van de mest van het kleinvee. Daarom worden de dieren in stallen gehouden zodat het mogelijk wordt om de mest te verzamelen en op het land te brengen. Maar voor de extra aanplant in het droge seizoen is bijmesten met kunstmest nodig om een goede opbrengst te halen van de schrale, droge bodem.
Naast de mais en pinda’s gaf Cadecom droogte bestendiger gewassen als cassaveplanten, sojazaad en zoete aardappelen. Eén van de groepen kreeg veertig geiten, twee per lid. Van de gefokte geitjes geven ze er drie terug, dus honderdtwintig in totaal, waarvan ook weer de helft naar de parochie gaat en de andere helft naar andere groepen in Malembo zelf. Hiervoor werden de groepen geselecteerd die te ver weg waren van de dam of waterbronnen om mee te kunnen doen met de irrigatielandbouw op de collectieve akkers.
De mest van de dieren wordt verzameld om de zanderige bodem vruchtbaarder te maken. In heel droge delen van Malembo worden zelfs groenten geplant in grote plastic zakken om zo doelmatig mogelijk gebruik te maken van het schaarse water.